Altijd ben jij er.

De tekst stond op het beeldscherm voordat ik het door had. Soms begin ik met schrijven omdat ik die drang voel en schrik ik van het eindresultaat. Dat was deze keer ook het geval. Ik zat op je kamer, maar jij was weg. Jouw veilige armen waren er niet om mij te omhelzen. Dat vond ik niet erg. Het is ook weleens goed om alleen te zijn. Vooral voor mij. Ik heb er nogal een handje van om weg te rennen. Ontkennend dat er iets is. Het werd tijd dat ik eens eerlijk met mezelf was. Het was eventjes teveel.

Ik voelde me schuldig. Het was de bedoeling dat ik tijdens je training nog even zou editten en dat ik bij jouw thuiskomst, weg zou zijn. Je had afgesproken met je vrienden om een avondje te gamen. Uiteindelijk ging het niet door, maar dit kwam (gelukkig) niet door mij. Ergens kwam het me wel goed uit. Ik had behoefte aan een goede knuffel en iemand bij wie ik mijn verhaal kwijt kon. Toch voelde ik me lullig. Altijd voel ik me lullig op momenten als deze. Als ik voor de zoveelste keer weer met mijn jankverhaal bij je aankom.

Ik weet dat het niet zo zou moeten voelen. Dat gevoel geef je me ook helemaal niet. Het zit tussen mijn oren. Het is nogal dubbel. Aan de ene kant schrijf ik wel blogs over mijn vader, maar aan de andere kant voel ik me bezwaard om met iemand erover te praten. Dat is gek, toch? Ik ben ook wel een beetje gek. Dat ben je inmiddels wel van me gewend.

Je kwam met je vrolijke gezichtje de kamer binnen. Ik merkte aan alles dat je je best deed om me wat op te vrolijken. Ik probeerde er niet over te praten, omdat ik niet wilde huilen. Waarom ik altijd zo probeer te vechten tegen die tranen, weet ik niet. Het is juist beter om ze even te laten gaan. Toen je me een knuffel gaf, deed ik dat dan ook maar. Wat ben ik op zulke momenten blij dat jij er dan bent om me wat warmte te geven. Je hoeft dan niet eens wat te zeggen. Luisteren en er uberhaupt zijn, dat is genoeg.

En je bent er altijd. Al-tijd. Ik kan altijd op je rekenen. Ik bedank je niet vaak genoeg voor alle dingen die je voor me doet. Voor het feit dat je dag en nacht voor me klaar staat. Voor alle knuffels, alle kusjes, alle warmte. Voor al die keren dat je me een lach op mijn gezicht bezorgde en voor al die keren dat je mijn tranen droogde. Ik krijg nu een klein traantje in m’n oog terwijl ik dit schrijf joh! Maar die droog ik zelf wel.

Ik hou van jou satje, je bent de allerbeste.

13912681_10210420111678839_3208163677765699140_n

Kanker is een klootzak.

Ik voel de bui al hangen. Hoe het komt, dat weet ik niet. De hele dag was ik met Stijn. Nu zit ik alleen op zijn kamer. Hij is voetballen. Ik doe een poging om te beginnen aan de edit van een video. Ik heb al geprobeerd om met vrienden af te spreken, zodat ik niet alleen zou zijn. Zodat mijn hoofd niet kan afdwalen. Zodat ik afleiding heb. Niemand heeft de tijd. Niemand weet dat ik verdrietig ben, anders zouden ze wel tijd voor me maken. Ik wil niemand tot last zijn. Het is prima. Is het een teken van het universum? Iets dat wil zeggen van “Jank nou maar even, het zal je goed doen.” Maar wat nou als ik helemaal niet wil huilen? Moet ik er dan tegen vechten? Of gewoon niet zo stronteigenwijs doen en het even laten gaan?

Hatelijk dat er geen einde aankomt. Soms jank ik vaak. Soms jank ik maanden niet. Toch komt er altijd weer een moment dat ik het voel branden. Dat de herinnering toch te pijnlijk word. Dat het besef ineens weer inslaat. Natuurlijk is er geen dag die voorbij gaat waarop ik er niet aan denk. Ik draag het altijd bij me. Maar er zijn gewoon van die fucking pijnlijke dagen, met van die kut momenten. Van die shite momenten, dat je er gewoon niet meer tegen kan. Gedachtes als “Waarom hij?” of vol egoïsme “Waarom ik?!”. Wat heb ik vaak gewenst dat dit nooit gebeurd was.

Vaak denk ik aan het wat als. Wat als hij sterker was geweest dan de ziekte? Wat als hij helemaal nooit ziek was geworden? Sterker nog, soms fantaseer ik erover. De conclusie is simpel: alles was dan beter geweest. Al wil dat nu niet zeggen dat mijn leven verschrikkelijk is, laten we dat voorop stellen. Maar er is gewoon iemand die mist, waarvan ik weet dat met hem erbij, alles beter was geweest. Alleen kan ik hem niet terug halen. Niemand kan hem terug halen. Kanker is een klootzak.

Soms vraag ik me af, hoe vaak moet ik nog janken? Hoe vaak moet ik nog denken aan iets waar ik niks aan kan veranderen? Die machteloosheid is slopend. Ik haat het. Ik moet doorgaan. Altijd maar doorgaan. Er te lang bij stilstaan, heeft namelijk geen zin. Maar er helemaal niet bij stil willen staan, is dat dan wel goed? Stel ik iets uit of steek ik gewoon mijn kop in het zand?

Ik wil niet meer huilen om dit. Ik wil dat papa gewoon spontaan weer de huiskamer in komt lopen. Dat we gewoon doen alsof er niks gebeurd is. Dat we gewoon 13 jaar aan verloren tijd kunnen inhalen. Onrealistisch als het is, wil ik het toch. Laat me maar gewoon dromen. Laat me maar gewoon. Ik kan het wel aan, maar soms is het lastig.

If you never try..

IMG_20160621_230515

Een aantal weken geleden werd ik gevraagd voor een workshop bij Google. Mijn antwoord daarop was simpel. FREAKING GOOGLE JA! Al eerder heb ik een uitnodiging gehad, maar toen was ik ziek. Talk about timing, huh?! Ik baalde heel erg toen. Maar ach, gister kon ik gelukkig wél aanwezig zijn. YAAAAS!

Ik dacht dat het een workshop was over branding, maar het ging juist om persoonlijke doelen en hoe je die kan behalen. We waren met alleen maar toffe, creatieve vrouwen. Samen bespraken we waar we soms vastlopen en hoe dat komt. Het was voor mij verrassend hoe hoeveel nieuwe inzichten je komt als je met zo’n groep samen komt. Ik vond het heel inspirerend! Positief, vrolijk, slingers, yes.

Mijn conclusie was dat ik mezelf in de weg zat, al had ik dat al een tijdje door. Er werd me alleen weer even een spiegel voorgehouden, wat goed was. Ik heb een To-Do lijstje gemaakt voor vandaag en ik loop goed op schema. Zie je, ik kan het wel!

Processed with VSCO with hb1 preset

Soms moet je even eerlijk tegen jezelf zijn. Verdrinken in zelfmedelijden en/of onzekerheid helpt namelijk helemaal niks. Trust me, I’ve been there. Als je van tevoren al dénkt dat je het niet kan, zonder het daadwerkelijk te proberen, dan krijg je nooit iets voor elkaar. Hoe cheesy het ook klinkt: GELOOF IN JEZELF! Doe wat je wil. Ga ervoor!

“If you never try, you’ll never know, just what you’re worth.”

  • Chris Martin (Coldplay) – Fix You. ♫

Vaderdag is weer voorbij.

Nou, de vaderdag zit er weer op voor dit jaar. Het voelt als een opluchting. Gisteren voelde het gewoon de hele dag als vaderdag. I know, dat klinkt vreemd. Maar het voelde gewoon alsof er iets niet klopte.

Natuurlijk zijn moeder- en vaderdag zo commercieel als de pest. Ik heb het al eens eerder gezegd: je moet elke dag lief voor je vader en/of moeder zijn, niet alleen op dagen wanneer het de etiquette is. Je zou het bijna commerciële troep noemen. Maar als je aan die commerciële troep ineens niet meer mee kan doen, dan voel je je aardig kut. Dat is nog zacht uitgedrukt.

Wat zou ik gedaan hebben op vaderdag als mijn vader nog gewoon in leven was? Ik denk dat we zouden gaan brunchen of dineren. Nu ik dit schrijf, denk ik “Waarom doen we dit niet alsnog op vaderdag? Ter ere van hem.” maar misschien vinden we dat onbewust té confronterend. Dan zit je daar in een eetzaal met allemaal gezinnen met vaders. Ik weet niet of ik dat aan zou kunnen.

Ik hoop dat mijn vader, waar hij dan ook is, wel weet dat ik aan hem dacht. Ik ben totaal niet gelovig opgevoed, maar toch geloof ik wel dat er íéts is na de dood. Ik weiger te geloven dat je gewoon ergens onder de grond ligt te verrotten of dat je enkel en alleen overblijft als een hoopje as. Mijn vader is bij me. Ik voel het.

Ik hoop dat jullie allemaal wél een mooie vaderdag hebben gehad. Zet gerust in een reactie neer wat je gedaan hebt, lijkt me leuk! Bedankt voor jullie medeleven. Jullie zijn lief. ❤

Vaderdag

Ik voel dat er tranen zitten,
maar ze komen er niet uit.
Ergens zit nog het verdriet
waar ik mij nu voor afsluit.
Toegeven dat ik verdrietig ben.
Toegeven aan de pijn.
Ik wil dit niet meer voelen.
Ik wil gelukkig zijn.
Soms staar ik naar de voordeur,
hopend dat je straks binnen komt lopen.
Ik weet dat het onmogelijk is,
maar ergens blijf ik hopen.
Het is al zo lang geleden,
maar de pijn zal nooit stoppen.
Dat dit jou moest overkomen,
kan ik nog steeds niet verkroppen.
Wel voel ik je aanwezigheid
op de een of andere manier.
Je bent fysiek niet aanwezig,
maar toch voel ik je hier.
Ik hoop dat je trots bent op ons, pap.
Ik was en ben dat wel op jou.
Lieve pa, ik mis je,
Ik hou van jou.

image

Twijfels

Mijn brein maakt overuren.
Soms schreeuwen er zoveel verschillende gedachtes door elkaar heen,
dat ik niet eens precies weet wáár ik nou aan denk.
Wel weet ik dat ik twijfel,
twijfel aan mijn kunnen.
Twijfels of ik het allemaal wel goed doe.
Het is alsof er zoveel dingen zijn die ik moet,
terwijl niemand mij iets oplegt.
Ik leg de lat zo hoog voor mezelf,
waardoor ik alleen maar de onmogelijkheid ervan in zie.
Voortdurend zit ik mezelf in de weg.
Ik ben de enige die mij tegenhoud en niemand anders.
Twijfels, twijfels, twijfels,
waarom gaan jullie niet weg?
Omdat ik niet tegen ze vecht.
Ik doe niets om ze te laten verdwijnen.
De twijfels laat ik binnen,
alsof ze hier horen,
maar dit is niet hun plek.
Ik moet ze de deur wijzen
en ze nooit meer binnen laten.

Ik kreeg zelf kippenvel van wat ik zojuist uit mijn pen liet vloeien. Zit het echt zo diep? Dit is allemaal zo onnodig. Hier heb ik alleen maar mezelf mee.

Note to self: Stop doing this to yourself.
                         You will find your way.

Uitstelgedrag

De titel zegt het al: uitstelgedrag. Ik denk dat iedereen er weleens last van heeft. Soms heb je gewoon even geen zin in je huiswerk. Soms heb je even geen zin om je administratie te doen. Dan ga je lekker een serie kijken of een boek lezen, terwijl ergens in je achterhoofd een stem gilt: “JE MOET AAN HET WERK!” Toch begin je er dan niet aan. Ik weet niet wat dat is en waarom we het doen.

Echter til ik het uitstelgedrag tot een heel nieuw niveau. Zelfs dingen die ik graag wil maken, stel ik uit. Dit is iets wat niet veel mensen van mij weten, maar ik zou heel graag verhalen willen schrijven, die hopelijk ooit goed genoeg zijn om gepubliceerd te worden als boeken. Ik heb veel ideeën, maar geen idee waar ik moet beginnen. Een begin máken zou een goede zijn, maar dat doe ik dus niet.

Ik ben een beetje bang. Wat nou als het een boutverhaal word? En ik ben ook te ongeduldig soms. Als het dan even niet lukt, ben ik meteen bang dat het me nooit gaat lukken. Dat is toch stom? Ik weet niet of dit herkenbaar is voor meerderen. Het gaat toch juist om het leerproces? Ik denk niet dat andere auteurs al hun boeken in een keer geschreven hebben.

Waar die onzekerheid dan vandaan komt? Ik heb geen flauw idee. Er is niemand die ik een dienst moet bewijzen. Of heb ik het gevoel dat ik mezelf een dienst moet bewijzen? Waarom denk ik overal altijd teveel over na?

Het grappige is wel dat ik deze blog een dag van tevoren al klaar heb staan. Stel ik een keer níét wat uit.

Note to self: just do it!

Satje is jarig!

Een paar jaar geleden ging ik met twee vriendinnen op stap. Zij wilden beiden naar Filemon & Baucis (Utrecht) en ik wilde daar echt níét heen. Waarom weet ik niet meer. Ik liet me toch maar overhalen omdat Jovanna jarig was en ik niet haar festijn wilde verzieken. We hadden net een cocktailparty achter de rug. Het was eind december. De meiden en ik hadden cocktailjurkjes aan. Ik had een zwarte broek bij me voor daaronder, zodat ik niet té overdressed was als we nog uit zouden gaan. Het stond niet supermooi, maar ach, wat maakte het uit?

Een jongen die daar liep vond het kennelijk ook niet erg, want ik werd op mijn schouder getikt. In een reflex schudde ik zijn hand van me af. Ik zat in mijn anti-mannen-periode en ik had geen zin in sjans. Tot ik me omdraaide en zag wie het was. “Wat doe je nou, stomme trut? Die is leuk!”

Nog geen half uur later probeerde de jongen het gewoon weer opnieuw. Ik weet niet of het de drank was. Ik weet niet of hij gewoon niet door had dat ik opzettelijk was weg gelopen. Ik weet niet of hij gewoon lef had. Wel weet ik dat ik nu superblij ben dat ik me die avond tóch heb laten overhalen om mee te gaan én dat die jongen toch weer terugkwam, zodat ik de kans had om met hem te praten. Want die jongen: dat was Stijn!

Processed with VSCO with kk2 preset

En dit is alweer de derde keer op rij dat ik met hem zijn verjaardag mag vieren. Ik hoop dat in dit geval ‘driemaal is scheepsrecht’ niet van toepassing is, want ik wil nog héél lang met hem samen zijn. Elke dag ben ik weer super trots dat hij mijn lieve vriend is.

Gefeliciteerd satje, ik hou heel veel van jou
& ik hoop dat we nog lang samen mogen genieten!

Het gaat snel!

Een paar dagen geleden fietste ik sinds tijden weer door Utrecht. Ik fiets de laatste tijd sowieso niet meer zoveel. Dit komt door de luxe die ‘studenten-ov’ heet. Eigenlijk is het vreselijk, want ik kan wel wat meer lichaamsbeweging gebruiken. Anyway, ik dwaal nú alweer af en ik begin pas net!

Opnieuw: Een paar dagen geleden fietste ik dus door Utrecht. Het was perfect fietsweer. Er stond een klein briesje en het zonnetje scheen. Ik was aan het genieten. Ik werd zelfs een beetje emotioneel. Vroeger fietste ik bijna elke dag door de stad heen. Nu vrijwel nooit meer. Elke keer als ik door Utrecht fiets, komen er warme herinneringen boven. “THIS IS MY CITY!” denk ik dan. Ik heb hier zoveel stappen liggen.

Ik besefte me ook dat het leven echt snel gaat. “Ellis, je bent net 23 en je praat al als een oud wijf!” Ik ga morgen m’n kunstheup ophalen okay, laat me!

Even zonder dollen: het leven gaat zo retesnel. Ik ben vorige week 23 geworden. Ik zag weer vrienden die ik al jaaaaren ken, waar ik óók mijn 16e verjaardag mee heb gevierd. Toen werd ik verrast met een groot feest wat ik nooit zal vergeten. Van de week dacht ik er aan terug en toen kwam het ineens binnen: “HOLD UP, IS DAT ALWEER 7 JAAR GELEDEN?!” Ik schrok er zelf van.

Misschien ben ik gewoon een emotionele vaatdoek, maar ach. Ik besef me heel goed dat het leven zo voorbij kan zijn. Ik wil er elk moment van genieten. Soms kan ik ontzettend piekeren over van alles en dat probeer ik te minderen. Ik probeer mezelf minder tegen te houden, als in, door minder te twijfelen aan mezelf. Neem meer de tijd voor dingen die ik écht leuk vind. Ik wil genieten. Je bent immers maar één keer jong.

Ik ben heus niet uitgeleefd op mijn 40e, daar niet van. Vond die laatste zin gewoon lekker klinken.

Dag Maart.

Hallo Maart, daar ben je weer. Dat was een tijd geleden. Steeds weer kom ik je tegen en steeds weer voelt het raar. Je voelt heel dubbel voor mij. Vanaf dat de warme temperaturen dalen, verlang ik naar je. Ik smacht dan naar de lente. Maar als je dagen weer aanbreken, word ik zenuwachtig. Ik word wat sipper. Ben een beetje afwezig. Een beetje uit m’n element. Het klopt niet helemaal.

Dertien jaar geleden gebeurde er in een van jouw dagen iets wat mijn leven drastisch ging veranderen. Iets wat ik nooit had verwacht. Een nachtmerrie voor ieder kind. Ik verloor een van mijn ouders, namelijk mijn lieve papa. Het is dan misschien al dertien jaar geleden en de pijn is ietsjes gesleten, maar weg gaat het nooit. Het zit al-tijd in je hoofd, soms bewust, soms onbewust. Het is iets vreemds, waar ik in zekere zin aan gewend bent geraakt. Het is een pijn die ik heb weten te accepteren.

Toch zijn er nog steeds weleens dagen, dat ik het niet kan accepteren. Dan ben ik boos op het leven. Dan ben ik boos om het feit dat wij hier doorheen moeten. Boos omdat dit een pijn is die wij al bijna dertien jaar bij ons dragen. Boos dat het maar niet weg gaat. Boos dat pa niet meer terug komt.

Ik ben niet gelovig, maar ik geloof wel dat ik ooit mijn vader weer zal ontmoeten. En aan de ene kant hoop ik dat ’t nog lang duurt, want ik ben nog lang niet klaar hier . Maar soms voelt het zo ver weg, voelt hij zo ver weg. Soms doet het gewoon pijn, verdomme.

Soms wil ik janken, schreeuwen, rennen. Waarheen? Geen idee. Natuurlijk heeft dat allemaal geen zin. Maar opluchten doet het wel. En we moeten allemaal weleens janken, schreeuwen, rennen. We kunnen niet altijd maar lachen, gieren, brullen. Ik zou het wel willen, maar dat kan niet. Je kan wel proberen van elke dag een feestje te maken, maar dat lukt niet altijd.

Vandaag is het geen feest. Ik ben verdrietig. Ik mis je, pa.

Liefs,

Ellis